Kwesties rond het Hindoestaanse huwelijk in Nederland
Door: Radjin Gena
Het huwelijk is binnen het hindoeïsme een belangrijke ceremonie (sanskār), omgeven door rituelen, die gepaard gaan met het reciteren van tal van mantra’s die bedoeld zijn om het echtpaar naast geluk en voorspoed ook een vruchtbare toekomst met tal van kinderen te wensen.
Op dinsdag 11 augustus jl. bezocht ik een vraag-antwoord sessie in de ASAN mandir aan de 1e Van der Kunststraat 75 te Den Haag over allerlei kwesties rond het Vedische huwelijk. De deskundige voor de avond was Shastri Ramphal uit India en de verschillende onderwerpen voor de avond waren:
- Vivaah (huwelijk) waarbij een van de partners gescheiden is.
- Vivaah van een weduwe/weduwnaar.
- Vivaah tussen partners van hetzelfde geslacht.
- Vivaah waarbij een partner nog niet eerder getrouwd is geweest en de ander wel een huwelijk achter de rug heeft.
- Parchan dat verricht wordt door een weduwe of gescheiden vrouw.
- Kanyadaan (panigrahan) in de maroh door een weduwe of gescheiden vrouw.
- Aanwezigheid op het huwelijk van de moeder van de bruidegom (dus meegaan met de baraat).

De Shastri begon met aan te geven dat het huwelijk volgens de Vedische geschriften gesloten wordt tussen een var (bruidegom) en vadhu (bruid) met als (hoofd)doel het produceren van nageslacht. Vervolgens werden de punten in bovenstaande volgorde besproken, waarbij er tussendoor ruimte was om vragen te stellen. Eigenlijk was het jammer dat bij punt 1, 2 en 4 de uitleg inhield, dat een volledig Vedische huwelijk met alle rituelen en mantra’s niet mogelijk was volgens de Shastri. Hij gaf aan dat het huwelijk eerder gesloten is geweest bij een van beiden en daarom een 2e huwelijk niet volledig uitgevoerd kon worden op basis van de rituelen en de inhoud van de mantra’s. Bij punt 3 kon een huwelijk niet plaatsvinden, omdat het doel van het huwelijk volgens de geschriften is om nageslacht voort te brengen en dat kan niet als beiden van hetzelfde geslacht zijn. Dat wil echter niet zeggen volgens de Shastri, dat een homo-relatie of lesbische relatie niet zou mogen. Maar een inzegening middels een vivaah sanskaar kan dus niet. Bij punt 5 was het antwoord kort: Parchan (het welkom heten van de bruidegom) mag zonder voorwaarden verricht worden door een gescheiden vrouw of een weduwe. Het staat nergens in de geschriften dat dit niet mag! Als dat in bepaalde families of regio’s voorkomt, dan is dat een lokaal gebruik. Als voorbeeld gaf hij, dat toen Sri Ram terugkwam naar Ajodhia, hij door drie weduwen, namelijk Kausilya, Kekhahi en Sumintra. officieel verwelkomd werd middels een ritueel.
Ook bij punt 6 gaat het volgens hem om een lokaal gebruik, want nergens in de geschriften wordt vermeld, dat een weduwe of een gescheiden vrouw haar dochter niet mag ‘weggeven’ (kanyadaan/panigrahan) aan de bruidegom tijdens het ritueel in de maroh. Hetzelfde geldt trouwens ook voor punt 7: de moeder en andere vrouwen van de kant van de bruidegom mogen best meegaan met de baraat. Het niet meegaan van deze vrouwen heeft te maken met praktische zaken: allereerst moet de moeder van de bruidegom wel thuis zijn, wanneer de bruid komt. De moeder moet haar schoondochter officieel ontvangen middels enkele rituelen. Verder was het in het verleden in India onveilig voor vrouwen om met de baraat mee te gaan, omdat ze onderweg overvallen en zelfs verkracht konden worden door bandieten. Tegenwoordig is het in Nederland veilig genoeg en als de moeder van de bruidegom ervoor zorgt dat ze een uur van tevoren weer thuis is om de bruid te ontvangen, dan is er totaal geen probleem. Tussendoor werden er ook vragen gesteld over het huwelijk met meerdere partners (polygamie). Bijvoorbeeld Dasarath die drie vrouwen had, Krishna die meerdere keren officieel getrouwd was, Dropati die vijf echtgenoten had en Rishi Yajnavalkya die twee vrouwen had (Maitreya en Katyayani). In hoeverre deze huwelijken officieel voltrokken zijn, daar kon de Shastri niet op ingaan. Wel gaf hij aan dat in het geval van Dropati, zij niet getrouwd is geweest met alle vijf broers, maar slechts met één en dat is Yudhistir.
Verder gaf de Shastri aan dat het niet de bedoeling is om alles klakkeloos aan te nemen en uit te voeren. Hij moedigde ons in Nederland aan om na te denken over onze eigen situatie anno 2026 en te kijken wat wel en wat niet zou kunnen. We hoeven ons dus volgens hem niet blind te staren op India en de situatie daar. Ook opvattingen van Swami Dayanand in bijvoorbeeld de Satyarth Prakash, de Sanskaar Vidhi en de Rgveda adi bhasya bhumika zijn niet in lood gegoten, aangezien de Swami zelf tijdens zijn leven gezegd heeft, dat men altijd zijn uitspraken en opvattingen moet toetsen naar gelang de plaats, tijd en omstandigheden (desh, kaal aur prathisthi). Pandits en andere geleerden in Nederland moeten dus regelmatig bij elkaar komen in Nederland en discussiëren en debatteren over dit soort onderwerpen en daarbij ook jongeren betrekken. Aan het eind stelde ik hem een kritische vraag over het begrip vivaah. Als het hoofddoel van een vivāh is om nageslacht te genereren, waarom erkennen de geschriften dan acht vormen van vivaah, waarbij 4 goedgekeurd worden en 4 afgekeurd. Hoe kan iets een vivaah genoemd worden waarbij een meisje ontvoerd wordt, of gedrogeerd of verkracht? Alhoewel deze vormen onder de afgekeurde vivaah’s vallen, is het toch gek om ze een vivaah te noemen? Bij een huwelijk gaan we anno 2026 toch wel uit van een verbintenis waar zowel bruid als bruidegom erachter staan en er geen sprake is van dwang of intimidatie. Kortom, we zouden hier in Nederland een andere invulling moeten geven aan of omschrijving van het begrip vivaah. Zoals dat 3000 jaar geleden geformuleerd is, klopt niet met onze kijk op zaken en is ethisch onjuist. En vivaah zou niet alleen als hoofddoel nageslacht produceren moeten hebben, maar vooral liefde en wederzijds respect moeten zijn. Tot slot opperde ik een oplossing voor het probleem bij de punten 1 t/m 4. Volgens de geschriften is het huwelijk een verbond tussen een var en een vadhu en is het hoofddoel het voortbrengen van nageslacht. Het woord vivaah bestaat uit 2 delen, namelijk vi ( een weg in een bepaalde richting) en vaah (dragen, vervoeren of leiden). De var (bruidegom) leidt dus de vadhu (bruid) in de richting van zijn huis. Wat nu als we het geheel naar een hoger plan tillen en de Vedische filosofie erbij halen? Volgens de Vedanta zijn atma’s (zielen) gelijk. Denk maar aan de beroemde uitspraken uit de Upanishads: Aham brahma asmi, tattvam asi ( ik ben Brahman en ook jij bent dat). Als de atma’s dus gelijk zijn, dan is het huwelijk een verbond tussen twee atma’s en dient er geen onderscheid te worden gemaakt tussen man-vrouw of tussen twee mannen of twee vrouwen. Dan maakt het dus niet uit of een man of vrouw eerder getrouwd is geweest, gescheiden of weduwe/weduwnaar is of dat het stel van hetzelfde geslacht is. Je gaat een relatie aan met iemand, waarbij twee atma’s bij elkaar komen, uiteraard wel op basis van liefde en wederzijds respect. Helaas stelde ik deze oplossing voor aan het einde van de zitting en was er geen ruimte meer om er inhoudelijk over te discussiëren.
Ik denk echter, dat deze moderne kijk op zaken, juist datgene is wat Shastri Ramphal suggereerde met zijn opmerking dat we niet alles uit India klakkeloos moeten overnemen, maar juist hier in Nederland anno 2026 met elkaar van gedachten moeten wisselen. We moeten hierover discussiëren en debatteren middels lezingen en congressen en we moeten daarbij vooral oog hebben voor de mening van jongeren en vrouwen, aangezien de geschriften door mannen geschreven zijn en mannen de regels, rituelen en opvattingen gedicteerd hebben aan de toenmalige samenleving. Het wordt tijd, dat vooral jongeren en vrouwen de regels, rituelen en opvattingen kritisch beschouwen en deze herdefiniëren voor de huidige situatie hier in Nederland, opdat het geheel aan rituelen bij de belangrijkste sanskara’s nog vele generaties meekan in het westen.